Tips en variaties
Voeg wat citroensap toe aan de saus voor een frisse toets. Gebruik pindakaas in plaats van pindakaaspoeder voor een romigere saus. Serveer met extra bijgerechten zoals gebakken banaan of ketupat.
Waarom dit recept werkt
De combinatie van de smaakvolle spiesjes met de romige satésaus maakt dit gerecht onweerstaanbaar. De pindakaas en ketjap geven een unieke, volwassen smaak die past bij een Indonesisch feestmaal. Dit is een klassieker die altijd in de smaak valt.
Ingrediënten
- 600 g kipdijfilet (blijft malser dan kipfilet)
- 2 el ketjap manis
- 1 el zonnebloemolie
- 2 teentjes knoflook, fijngehakt
- 1 tl gemalen komijn
- 1 tl korianderpoeder
- 1 tl paprikapoeder
- ½ tl peper
- snuf zout
- houten cocktailprikkers of kleine satéstokjes
Bereiding
- Snijd de kip in kleine blokjes van ongeveer 2–3 cm.
- Meng ketjap, olie, knoflook en alle kruiden tot een marinade.
- Meng de kip goed door de marinade.
- Laat minimaal 1 uur marineren (langer mag, tot een nacht in de koelkast).
- Rijg 3–4 stukjes kip per spiesje.
- Bak de spiesjes: in een grillpan: 8–10 minuten, regelmatig draaien of in de oven: 200 °C, ongeveer 12–15 minuten of op de barbecue tot gaar en licht gekaramelliseerd.
- Pindasaus Ingrediënten 3 el pindakaas (liefst 100% pinda) 150 ml kokosmelk of water 1 el ketjap manis 1 tl sambal (naar smaak) 1 tl bruine suiker of honing 1 tl limoensap of citroensap Bereiding Verwarm pindakaas en kokosmelk op laag vuur.
- Roer tot een gladde saus.
- Voeg ketjap, sambal, suiker en limoensap toe.
- Laat zachtjes indikken tot gewenste dikte.
- Voeg eventueel extra water toe als de saus te dik wordt.
- Serveren als fingerfood Leg de spiesjes op een schaal of houten plank.
- Serveer de pindasaus in een klein kommetje ernaast of in kleine glaasjes.
- Garneer eventueel met gebakken uitjes, sesamzaad of fijngesneden bosui.
- Reken 2–3 spiesjes per persoon